RenteswapAdvocaat

alles over renteswaps en derivatenconstructies

Definities – Herstelkader Rentederivaten

Hieronder treft u een overzicht van de definities die in het Herstelkader Rentederivaten van 5 juli 2016 worden gebruikt.

Meer weten of direct advies nodig?

Neem direct vrijblijvend contact op met Dries Beljon of Else van der Meulen op 085 – 303 64 29 of via het contactformulier.

Definities

  • Afdekkingspercentage – het percentage van In Aanmerking Komende Leningen dat op enig moment tegen een stijging van de Referentierente is afgedekt met een (portefeuille aan) Rentederiva(a)t(en).
  • Banken – ABN AMRO, Deutsche Bank, ING Bank, Rabobank, SNS Bank en Van Lanschot Bankiers.
  • Bedrijfsbeëindiging – de situatie waarin een door de MKB- Klant gedreven onderneming volledig wordt gestaakt en in verband daarmee wordt overgegaan tot het aflossen van de Leningen.
  • Belangenorganisaties – Claim Participants, Kenniscentrum Rentederivaten, MKB-Claim, MKB Nederland, Nederlandse Melkveehouders Vakbond, ONL voor Ondernemers, Stichting Meldpunt Klachten Banken, Stichting Renteswapschadeclaim, Stichting Soapschade.
  • Bindend Advies – een bindend advies zoals omschreven in paragraaf 5.2 van het Herstelkader Rentederivaten.
  • Blend & Extend – een herstructurering van een Rentederivaat, waarbij het lopende Rentederivaat wordt afgewikkeld en de Marktwaarde verwerkt wordt in een nieuw af te sluiten Rentederivaat.
  • Compensatie – de financiële vergoeding die een Bank aan een MKB-Klant aanbiedt op grond van het Herstelkader Rentederivaten.
  • Derivatencommissie – de heren B.F.M. Knüppe, T.P. Kocken en R.J. Schimmelpenninck als door de Mi- nister aangestelde onafhankelijke deskundigen.
  • Gestructureerd Rentederivaat – elk Rentederivaat niet zijnde een Rentecollar, Rentecap of Renteswap.
  • Groep – een groep is een economische eenheid waarin rechtspersonen en vennoot- schappen organisatorisch zijn verbon- den, van welke eenheid ook kenbaar gelieerde stichtingen deel uit kunnen maken, evenals rechtspersonen naar buitenlands recht.
  • Herstel – het geheel van Compensatie voor en aanpassing van een Rentederivaat zoals omschreven in het Herstelkader.
  • Herstelaspect – een aspect van een Rentederivaat dat op basis van het Herstelkader mogelijk hersteld zal moeten worden.
  • Herstelkader – dit herstelkader, zoals door de Deriva- tencommissie op 5 juli 2016 vastgesteld, met inbegrip van de daarbij behorende bijlagen.
  • Hoofdsom Lening – de hoogte van een aan een MKB-Klant verstrekte In Aanmerking Komende Lening.
  • In Aanmerking Komende Leningen – Variabelrentende Leningen die met inachtneming van het bepaalde in § 3.3.4 in aanmerking komen voor afdekking door een Rentederivaat.
  • ISD – Richtlijn 93/22/EEG van de Raad van 10 mei 1993 betreffende het verrichten van diensten op het gebied van beleggingen in effecten.
  • Kifid – het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening.
  • Kosteloos Aflossen – de situatie waarin een MKB-Klant zijn Lening voor een bepaald gedeelte kan aflossen zonder dat hij hiervoor een con- tractueel overeengekomen vergoeding (“boete”) verschuldigd is.
  • Lening – een Variabelrentende Lening of een Vastrentende Lening.
  • Marktwaarde – de waarde van het Rentederivaat op grond van de specificaties van het Ren- tederivaat, de rentestanden en eventuele andere relevante marktniveaus op het moment van waardering, berekend volgens het door de Bank gehanteerde en door DNB goedgekeurde waarderingsmodel (‘valuation model’) voor het betreffende Rentederivaat.
  • Margin Call – een contractuele vordering van een Bank op een MKB-Klant om tijdens de looptijd van het derivaat additionele gelden en/of zekerheden aan de Bank ter beschikking te stellen in verband met de negatieve Marktwaarde van een Rentederivaat.
  • MiFID – Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor financiële instrumenten.
  • Mismatch – Modaliteitsmismatch en Overhedge.
  • MKB – kleine en middelgrote ondernemingen, ook wel aangeduid als midden- en kleinbedrijf.
  • MKB-Klant – de afnemer van een door een Bank aan- geboden Rentederivaat waarop op grond van paragraaf 3.1 het Herstelkader van toepassing is.
  • Modaliteitsmismatch – het niet volledig aansluiten van de moda- liteiten van een Rentederivaat op die van de Lening, anders dan een Overhedge.
  • Netto Kasstromen – de netto ontvangsten en betalingen uit hoofde van het Rentederivaat, waaronder ook ontvangsten of betalingen van de Marktwaarde van het Rentederivaat bij een (partiële) Afwikkeling.
  • Noodzakelijk Substituut – een aanpassing van een Gestructureerd Rentederivaat naar een Upfront Premium Rentecap of Renteswap die noodzakelijk is voor verdere toepassing van het Herstelkader.
  • Notional – de omvang van het Rentederivaat, in essentie vergelijkbaar met de Hoofdsom Lening.
  • Oprenting – het met rente verhogen van Compensatie.
  • Overhegde – Overhedge In Omvang en/of Overhedge In Looptijd.
  • Overhedge In Omvang – een situatie waarin de Notional de Hoofdsom Lening overstijgt.
  • Overhedge In Looptijd – de situatie waarin de eerste rentebetaling onder het Rentederivaat meer dan vier weken voor de eerste rentebetaling op de Variabelrentende Lening heeft plaats gevonden en/of wanneer de laatste ren- tebetaling onder het Rentederivaat meer dan vier weken na de laatste rentebeta- ling op de Variabelrentende Lening heeft plaatsgevonden of zal plaatsvinden.
  • Referentierente – een binnen financiële markten vastgestelde rente, zoals bijvoorbeeld Euribor of Libor.
  • Rentecap – een financieel product waarmee een MKB-Klant tegen betaling van een pre- mie aan de Bank beschermd is tegen een eventuele stijging van de Referentierente boven een vooraf overeengekomen Strikeniveau, onder te verdelen in een Upfront Premium Rentecap en een Spread Premium Rentecap.
  • Rentedollar – de aankoop van een Rentecap die gefinancierd wordt door de verkoop van een Rentefloor waardoor een ‘bandbreedte’ wordt gecreëerd waarbinnen de Referentierente kan bewegen, met als bovengrens het Strikeniveau van de Rentecap en als ondergrens het Strikeniveau van de Rentefloor.
  • Rentederivaat – Rentecap, Rentecollar, Renteswap en/of Gestructureerd Rentederivaat.
  • Rentederivatendossier – het dossier van een MKB-Klant die één of meerdere Rentederivaten heeft afgesloten.
  • Renteloos – een financieel product dat een MKB-Klant vaak is aangegaan als onderdeel van een Rentecollar, waarbij een MKB- Klant, tegen ontvangst van een premie van de Bank, het voordeel op een daling van de Referentierente onder het vooraf overeengekomen Strikeniveau opgeeft.
  • Renteopslag – een opslag op een Variabelrentende Lening die een MKB-Klant aan een Bank is verschuldigd en gedurende de looptijd van de Lening kan worden gewijzigd.
  • Renteswap – een overeenkomst tussen een MKB-Klant en Bank op grond waarvan een MKB-Klant gedurende een bepaalde periode een met een Bank overeenge-komen vaste Swaprente ruilt tegen de Referentierente van de Variabelrentende Lening.
  • Spread Premium Rentecap – een Rentecap waarbij betaling van de premie is uitgesmeerd over de looptijd van de Rentecap.
  • Strikeniveau – het renteniveau dat wordt afgesproken in een Rentecap of Rentefloor en bepaalt tot welk renteniveau een MKB-Klant beschermd is tegen een stijging respectievelijk profiteert van een daling van de Referentierente.
  • Swaprente – de vaste rente die bij aanvang van een Renteswap wordt afgesproken tussen een Bank en een MKB-Klant.
  • Transactiedatum – de datum waarop een MKB-Klant en een Bank het Rentederivaat overeen zijn gekomen.
  • Voortijdig Afwikkelen – het voortijdig (gedeeltelijk) beëindigen van een Rentederivaat waarna door de MKB-Klant de Marktwaarde aan de Bank moest worden betaald, dan wel van de Bank wordt ontvangen.
  • Upfront Premium Rentecap – Rentecap waarbij de premie bij aanvang van het contract wordt betaald.
  • Variabelrentende Lening – een door een Bank aan een MKB-Klant verstrekte geldlening waarbij de hoogte van de verschuldigde rente gedurende de looptijd van de overeenkomst kan variëren en is opgebouwd uit een Refe- rentierente plus Renteopslag.
  • Vastrentende Lening – een door een Bank aan een MKB-Klant verstrekte geldlening waarbij de hoogte van de verschuldigde rente gedurende de looptijd van de overeenkomst is gefixeerd.
  • Vervroegd Aflossen – de situatie waarin een MKB-Klant de Lening (en/of het Rentederivaat) geheel of gedeeltelijk vervroegd aflost.
  • Wettelijke Rente – de wettelijke rente als omschreven in art. 6:119 BW